Bij een ontgronding wordt de bodem afgegraven of verlaagd. Dit gebeurt bijvoorbeeld bij bouwprojecten, natuurontwikkeling, infrastructurele werkzaamheden, waterberging of de winning van zand, klei of andere grondstoffen. Ontgrondingen kunnen invloed hebben op de bodem, het grondwater en de directe omgeving. Door het afgraven van de bodem kunnen gevolgen ontstaan voor de stabiliteit van de ondergrond, de waterhuishouding en de toekomstige inrichting van een locatie. Daarom gelden voor ontgrondingsactiviteiten regels die bijdragen aan een veilige en zorgvuldige inrichting van de leefomgeving.
De provincie Zuid-Holland is voor veel ontgrondingsactiviteiten het bevoegd gezag. Omgevingsdienst Haaglanden (ODH) adviseert initiatiefnemers namens de provincie over de geldende regels en beoordeelt vergunningaanvragen op de mogelijke gevolgen voor bodem, water en omgeving. Daarnaast wordt toezicht uitgevoerd door de regionale omgevingsdienst.