Toelichting berekening emissiereductie voor Beleidsregel stikstofreductieprojecten
Op 4 december 2025 publiceerden wij een nieuwsbericht over de Beleidsregel stikstofreductieprojecten van de Provincie Zuid-Holland. Naar aanleiding daarvan ontvangen wij vragen over de eis dat een project minimaal 35% emissiereductie moet opleveren. In dit bericht leggen wij uit hoe u deze emissiereductie moet berekenen.
Wanneer voldoet een project aan de voorwaarde?
Eén van de voorwaarden uit de beleidsregel is dat binnen één project sprake moet zijn van minimaal 35% emissiereductie (intern salderen). Dit betekent dat de totale stikstofemissie in de beoogde situatie minimaal 35% lager moet zijn dan in de referentiesituatie.
Het is niet voldoende om in AERIUS Calculator gebruik te maken van een salderingssituatie met 35% afroming. Het afromen van de referentiesituatie is namelijk iets anders dan het aantonen van een daadwerkelijke emissiereductie binnen het project.
U moet daarom zelf berekenen en onderbouwen dat de stikstofemissie in de beoogde situatie minimaal 35% lager is dan in de referentiesituatie.
Hoe berekent u de emissiereductie?
Voor de berekening vergelijkt u de totale hoeveelheid reactieve stikstof in de referentiesituatie met die in de beoogde situatie.
Daarbij kijkt u naar de emissies van:
- stikstofoxiden (NOx);
- ammoniak (NH3).
Omdat NOx en NH3 niet rechtstreeks met elkaar kunnen worden vergeleken, moeten deze eerst worden omgerekend naar kilogram stikstof (N).
Volgens het TNO-rapport Het gedrag van stikstofverbindingen in de atmosfeer kunt u hiervoor de volgende omrekenfactoren gebruiken:
- 1 kg NH3 = 0,82 kg N
- 1 kg NOx = 0,30 kg N
Stappenplan
Stap 1: bereken de stikstof uit NOx
Vermenigvuldig de hoeveelheid NOx in zowel de referentiesituatie als de beoogde situatie met 0,30.
Stap 2: bereken de stikstof uit NH3
Vermenigvuldig de hoeveelheid NH3 in zowel de referentiesituatie als de beoogde situatie met 0,82.
Stap 3: bereken het totaal
Tel voor elke situatie de berekende hoeveelheden stikstof uit NOx en NH3 bij elkaar op.
U heeft nu:
- het totaal aan reactieve stikstof in de referentiesituatie;
- het totaal aan reactieve stikstof in de beoogde situatie.
Stap 4: bereken de emissiereductie
Vergelijk het totaal van de beoogde situatie met het totaal van de referentiesituatie en bereken hoeveel procent reductie dit oplevert.
Is de reductie minimaal 35%? Dan voldoet het project aan deze voorwaarde uit de beleidsregel.
Voorbeeldberekening
Hieronder staat een voorbeeld met fictieve cijfers.
| N uit NOx | N uit NH3 | Totaal | |||||
| NOx (kg/jaar) | N per NOx | Totaal N (kg/jaar) | NH3 (kg/jaar) | N per NH3 | Totaal N (kg/jaar) | N (kg/jaar) | |
| Referentiesituatie | 100 | 0,30 | 30 | 200 | 0,82 | 164 | 194 |
| Beoogde situatie | 50 | 0,30 | 15 | 75 | 0,82 | 61,5 | 76,5 |
| Verschil beoogde situatie en referentiesituatie | -15 | -102,5 | -117,5 | ||||
In dit voorbeeld is sprake van een emissiereductie van 117,5/194 x 100% = 60,6%.
Opnemen in uw rapportage
Om aan te tonen dat aan de voorwaarde wordt voldaan, vragen wij u een vergelijkbare berekening op te nemen in de onderbouwende rapportage bij uw aanvraag.